Column: Huilend op het perron

En zo stond ik om half negen ’s ochtends al te huilen op het perron. Nu is er natuurlijk een aantal scenario’s mogelijk, die ervoor gezorgd hebben dat ik daar tranen stond te plengen. Kwam het door de NS? Had deze hopeloze organisatie weer eens voor een vertraging gezorgd, zodat ik mijn aansluiting miste en te laat op afspraak kwam? Of kon ik weer eens geen parkeerplek vinden voor mijn fiets, zodat ik minutenlang zwetend en grommend langs de volle rekken moest sjouwen, steeds sneller en sneller, om het ding uiteindelijk dan maar náást een rek vast te zetten, op hoop van zegen, maar trok ik op het laatste moment in de sprint naar de trein toch nog even een ladder in mijn panty? Of had ik mijn bankpasje en al mijn muntgeld thuis laten liggen, zodat ik in de stationsrestauratie geen koffie, ik herhaal, GEEN KOFFIE kon kopen en dus genoodzaakt was cafeïneloos in de trein te stappen?

Vertraging
Allemaal plausibel. Allemaal redenen om nou eens uitgebreid te gaan huilen. Dat zijn jullie natuurlijk met me eens. Vooral die van dat ik geen koffie kon kopen. Maar het ik moet jullie teleurstellen: dit was allemaal niet aan de hand. Scenario 1 kwam niet uit: er was namelijk geen vertraging die ochtend. Ja, we stonden daar op dat perron ook allemaal stomverbaasd om ons heen te kijken, maar het was echt waar: de trein kwam, schrijft u mee, op tijd.

Praatjes
Scenario twee kwam ook al niet uit. Want de gemeente hield laatst een opruimactie en nam 34 miljoen fietsen die al jaren onbeheerd op het station geparkeerd stonden. Sindsdien is er genoeg plek. En ik trek weliswaar regelmatig ladders in mijn panty’s, maar daar zegt dus nooit iemand wat van. Dat komt door mijn karakter en open blik naar de wereld. Dat nodigt enorm uit tot het niet maken van praatjes met mij. Vooral ’s ochtends. Op het perron. Met mensen. Afijn, exit scenario twee.

Bejaarde
En scenario drie slaat als een tang op dirk. Alsof ik ooit, ooit, OOIT zonder koffie in een trein zou stappen. Mocht ik inderdaad mijn bankpasje zijn vergeten (gebeurt wel eens) en inderdaad te weinig of geen geld bij me hebben (gebeurt ook wel eens), dan rol ik een bejaarde (gebeurt regelmatig). Echt, die hebben werkelijk nooit wat door. Dat zijn van die argeloze en makkelijke slachtoffers, je hebt geen idee. En nood breekt nou eenmaal wet: niemand wil mij tegenkomen als ik nog niet cafeïneproof ben. Ik doe er eigenlijk de hele maatschappij een plezier mee door zo’n senior van zijn kleingeld af te helpen.

Zoon
Wás een van deze scenario’s maar waar geweest. De werkelijkheid was anders: mijn oudste zoon vertrok uit huis, om voor eeuwig en eeuwig niet meer bij mij te wonen. Hij gaat studeren. Hij gaat op kamers in een huis, waar ik niet ben. Ik heb gejuicht toen hij zijn eindexamendiploma uitgereikt kreeg, ik heb hem gefeliciteerd en taart en slingers gehaald. Ik heb opgeschept tegen iedereen die ik tegenkwam. En zijn vader en ik hebben tegen elkaar gezegd hoe zeer wij beseften wat voor groot geluk ons overviel. Met zo’n gezonde, geslaagde zoon. En hoe mooi het was, dat we hem volwassen zagen worden. En we memoreerden hoe het klopte in de loop der dingen. Dat het ging zoals het hoorde te gaan.

Tranen
Ik zwaaide hem uit. Ik zoende hem en maakte grapjes. Ik keek tot de trein uit het zicht was. En toen huilde ik bittere, bittere tranen.

GERELATEERDE ARTIKELEN

  • Snelwegstress (of: snel weg, stress)

  • Zoektocht naar columniste: de shortlist

  • GEZOCHT: Chicklit.nl zoekt columniste in het buitenland!

  • Trots kwebbelende moeders...

  • Fleur rekent af met examenvrees

Aanbevolen voor jou:

Zoek in artikelen